Hout gaat langer mee dan men denkt!

Houtwereld 7 oktober 2026:

Volgens een Total Cost of Ownership-analyse van FSC Nederland worden de kosten van een houten gevel over veertig jaar vooral bepaald door de levensduur en het aantal onderhouds- en vervangingsmomenten. Een lagere aanschafprijs betekent daardoor niet automatisch dat een gevel op lange termijn voordeliger is. Duurder hout kan door een langere levensduur uiteindelijk gunstiger uitpakken.

Voor grondgebonden woningen met brandklasse D komt thermisch gemodificeerd vuren als meest kostenefficiënte keuze naar voren, op korte afstand gevolgd door onbehandeld tropisch loofhout, zoals jatoba. Bij gestapelde woningbouw met brandklasse B scoort een systeem van onbehandeld loofhout met aluminiumprofielen het beste. Hiermee kan zonder chemische behandeling van het hout aan de zwaardere brandeis worden voldaan.

Het onderhoud van houten gevels is volgens het onderzoek beperkter dan vaak wordt gedacht. Onbehandeld hout dat natuurlijk vergrijst, hoeft niet periodiek te worden geschilderd; inspectie en schoonmaken vormen het belangrijkste onderhoud. Steiger- en bereikbaarheidskosten zijn niet meegenomen in de berekeningen, terwijl deze in de praktijk aanzienlijk kunnen zijn.

Praktijkgegevens van woningcorporaties wijzen er bovendien op dat houten gevels vaak langer meegaan dan wordt aangenomen. Een goed ontwerp, voldoende ventilatie en bescherming tegen vocht spelen daarbij een belangrijke rol. Het onderzoek is uitgevoerd met gegevens van onder meer houthandels, kennispartners en woningcorporaties.  In een vervolgonderzoek in 2027–2028 worden ook de milieukosten meegenomen.

Hout